Louis en Bert Schoofs met de Wrightflyer de lucht in
Broers na 100 jaar in de voetsporen van twee andere broers

maart 2019


Iets meer dan een eeuw geleden, om precies te zijn in 1903, ging het eerste gemotoriseerde vliegtuig ooit de lucht in. De gebroeders Wright uit de Verenigde Staten waren gefascineerd geraakt door berichten over een Duitser, die met een zelf gemaakte constructie kon zweven. Zij vroegen zich af of je daar ook een motor in kon bouwen, zodat het zichzelf voortstuwde. Ze begonnen te bouwen en te experimenteren met iets wat er nog niet was en in 1903 hadden ze een constructie klaar. Een dubbele vleugel met een kleine vleugel aan de voorkant. Een staartroer en een motor die via twee kettingen aan twee propellers aan de achterkant van het toestel waren bevestigd. De stuurman lag liggend op de onderste vleugel om het toestel te besturen. Bij de eerste vlucht in 1903 vloog de Wrightflyer, zoals ze het noemden, het eerste stukje en twee jaar later al over een veel grotere afstand.
Honderd jaar later bestudeerden twee broers uit Bladel de inspanningen van de broers Wright en ze kwamen tot de conclusie dat hun voorgangers in Amerika een ongelofelijke prestatie geleverd hadden.

Bert en Louis Schoofs, op dat moment al 60 jaar, vroegen zich af of zij met de kennis van nu, de eerste Wrightflyer op schaal na zouden kunnen bouwen, om hem precies 100 jaar na dato ook in de lucht te brengen.
Bert en Louis groeiden op als tweeling uit het grote gezin van Harrie en Nellie Schoofs, aan de Molenstraat in Bladel. Rond de bevrijding in 1944 hadden de twee, toen nog maar amper 4 jaar oud, een vliegtuig zien landen en dat had grote indruk gemaakt. Later op de bewaarschool maakten ze al op papier na wat ze daar gezien hadden.
De twee legden eenzelfde weg af: van de Ambachtschool naar een lesbevoegdheid aan een Technische school. Bij Bert eindigde dat bij de TU, waar hij ook nog promoveerde en zijn hele werkzame leven betrokken was als wertuigbouwkundige. Louis koos de kant van het onderwijs in de exacte vakken en gaf les aan een middelbare school.
Maar techniek was wat hen beiden boeide en als een rode draad door hun leven liep.
Maar dat leven liep niet helemaal zoals ze dat uitgestippeld hadden.
Als Bert daarover verteld is hij alleen, want Louis zag uiteindelijk maar een klein stukje van de Wrightflyer die ze samen bouwden.
Bert: “We lagen op schema om het toestel met originele materialen op een schaal van 1:4 na te bouwen. Het zou dan een spanwijdte hebben van 3,06 meter. 2003 was ons streven en bij de Aeorclub Bladel, waarbij we aangesloten waren, kregen we alle medewerking. Maar er was iets mis met de vleugel-constructie dat we maar moeilijk helder kregen. Het project kwam enkele jaren stil te liggen, tot we het in 2007 weer oppikten. Enkele maanden later werd Louis echter ernstig ziek en het was duidelijk dat hij er niet veel meer van zou zien.
Er werd een tandje bijgeschakeld en in maart 2009 was het toestel zover klaar om voor de eerste keer in beweging te komen. Op het vliegveldje in Netersel konden we enkel taxiën, om daar op te stijgen was de ruimte te klein. Maar voor Louis was dit de enige mogelijkheid om er nog iets van te zien.
Dik ingepakt en vanuit een rolstoel, zag hij het toestel in beweging komen. Hij kon zelf de afstandbediening een stukje vast houden en het betekende veel voor hem, maar ook voor mij.”
Als Bert dit vertelt, wordt zijn stem zachter en gaan zijn gedachten weer terug naar zijn tweelingbroer. Hoe Louis met het idee kwam, waarna ze beiden vol passie aan de slag waren gegaan. Vele uren in hun eigen garage, steeds filosoferend over elk te maken onderdeel. Grote vleugels maken van kleine latjes en spandraden. Het juiste papier vinden om de vleugels te bedekken en experimenteren met een motor en de overbrenging naar twee propellers.
Twee weken na die eerste test op het veldje van de Aeroclub Bladel, overleed Louis op 68-jarige leeftijd.
Bert werkte verder aan het toestel en kon al snel de eerste vlucht maken. De eerste keren waren er nog kleine problemen, die hij telkens weer wist te overwinnen. Uiteindelijk kreeg hij het toestel zo ver verfijnd dat hij het moeiteloos de lucht in kreeg. Hij vloog ermee in heel Nederland, zoals in de haven van Rotterdam en kreeg zowel nationaal als internationaal veel bijval. Bij tentoonstellingen, zoals in Dortmund, haalde hij diverse prijzen.
De Wrightflyer van de gebroeders Schoofs. Het werd het kindje van Bert en Louis, maar ook het pronkstuk van de Aeroclub Bladel die een eigen veld heeft in Netersel.
Op dit moment, in 2019, ligt de Bladelse Wrightflyer weer in de kreukels en moeten er weer onderdelen hersteld worden. Bert heeft zich voorgenomen om dat weer te gaan doen.
En elke keer als hij het toestel de lucht in ziet gaan, ziet hij ook weer een stukje van zijn broer meevliegen. Dan denkt hij weer terug aan de vele uren dat ze er samen aan werkten, samen in hun gedeelde passie, net zoals ooit de gebroeders Wright.