Tit van de Freete die van de fietsen en zijn accordeon
januari 2026

Afgelopen week overleed Reuselnaar Harrie Hermans op 99-jarige leeftijd. Maar Harrie Hermans? In Reusel kende iedereen hem vooral als Tit van de Freete.
De bijnaam Van de Freete kreeg hij van zijn grootvader van vaders kant (Driek Hermans), die liep altijd met wit geschrobde klompen rond: ne freete mens. Zijn drie doopnamen zijn als 6 januari geborene gelijk met de drie wijzen, naast Henricus nog Balthasar Caspar en Melchior.
De roepnaam Tit kwam toen hij als jong manneke de kippen riep: tiet-tiet-tiet. Zijn ouders hadden 8 kinderen: vier jongens en 4 meiden en in Huize Hermans stond het muziek maken altijd bovenaan. De passie was zeer waarschijnlijk meegekomen met opa van moeders kant.
Tit had een voorliefde voor de mondharmonica, maar ook de trekzak stond hem wel aan. Om alle vier de zonen noten te laten leren was pa Hermans iets te gortig: daarom mocht alleen de oudste zoon (Jan) op muziekles. Hij moest zijn kennis vervolgens aan de anderen doorgeven, zo kreeg Tit het ook mee. Pa had een fietsenzaak in de kerkstraat in Reusel, die Tit net na de oorlog overnam. Het was tevens een kleine smederij hij repareerde ook brommers en er was een kleine benzinepomp.
Rond het kacheltje in zijn werkplaats werden de mooiste en spannendste verhalen verteld, soms gingen ze terug tot aan de smokkeltijd, maar net zo goed over het duivenmelken.
In Anneke de Waal vond hij de liefde van zijn leven, ze vierden samen nog hun diamanten huwelijk.
Het afscheid van Anneke viel hem zwaar, maar hij is dankbaar voor alles wat zij hem schonk.
Zijn zoon Ruud zette de fietsenzaak voort en op latere leeftijd herontdekte Tit de muziek. Hij klopte het stof van zijn oude trekzak af en begon weer te spelen. De Reuselse liederentafel had veertig zangers: maar ze misten een accordeonist. Tit vulde het met verve in, en beleefde er veel plezier aan. Regelmatig trad hij ook op bij zorgvoorzieningen en ook met de Reuselse accordeongroep speelde hij bij de Kempische accordeontref
De laatste jaren woonde hij alleen in een woning, waar de zorg altijd in de buurt was. Daar buurtte hij nog graag met anderen, het liefst ergens dicht bij de kachel en meestal met een potje koffie binnen handbereik. Dan kwamen de smokkelverhalen en de oude kachelverhalen weer uit de oude doos
Tit, ne Freete mens uit Reusel.